Grenzen stellen
Grenzen stellen. Al snel roept dat een beeld op van nee zeggen, van jezelf staande houden tegenover een ander. Maar er zit meer achter dan dat, en het begint eigenlijk niet bij de ander, het begint bij jezelf.
Grenzen stellen begint niet bij het gesprek met de ander. Het begint bij het voelen en bewust worden waar jij op dat moment bent. Wat jij nodig hebt, hoe jij je voelt, wat jouw beweging is. In vrijwel elke sessie, training of workshop begin ik daarom bij hetzelfde punt, eerst bij jezelf komen. Stevig staan, bewust worden van je voeten, en van daaruit een lijn omhoog voelen tot aan je kruin, waar je verbonden bent met wat groter is dan jezelf. Dan de aandacht naar je adem. Een soort nulmeting, voordat er iets van buitenaf op je afkomt.
Pas vanuit die nulmeting kun je merken wat wel of niet past, of je een ja of een nee voelt.
Wanneer de beweging een nee is, voel je misschien een lichte weerstand in je lijf, een ongemak dat je normaal gesproken wegwuift. Wie dat signaal niet kent, kan onmogelijk op tijd een grens stellen, simpelweg omdat hij niet voelt dat hij er al overheen gaat.
Wat ik interessant vind, is bewust te zijn van de omkering. In feite zeg je geen nee, je zegt ja tegen iets anders. Tijd voor jezelf, energie voor iets dat wel bij je past, ruimte om te doen wat je zelf belangrijk vindt of nodig hebt. Grenzen stellen is dan niet iets afwerends, het is een keuze voor wat je wél wilt.
Toch voelt het zelden zo licht. Zodra je een grens aangeeft, ligt de neiging om uit te leggen of te verdedigen op de loer. Er zit een verschil tussen die twee dat mijns inziens de moeite waard is om te herkennen. Uitleggen doe je bewust, om helderheid te geven, om de ander mee te nemen in wat er voor jou speelt. Verdedigen doe je automatisch, en mogelijk vanuit onzekerheid, angst voor afwijzing, of de behoefte om goedkeuring te krijgen voor iets waar je eigenlijk geen toestemming voor nodig hebt.
Een grens is geen vraag, het is een constatering. Hoe meer uitleg je eromheen bouwt, hoe meer onzekerheid gevoed wordt, waardoor de ander mogelijk ruimte voelt om ertegenin te gaan. Dat is precies waarom grenzen stellen zo vermoeiend kan voelen. Niet het nee zelf kost energie, maar alle verantwoording die je eromheen bouwt uit angst dat het nee niet genoeg is.
In coaching zie ik vaak dat dit patroon van vroeger komt. Ergens is iemand gaan geloven dat een grens pas geldig is als hij goed genoeg wordt uitgelegd, dat de ander eerst overtuigd moet worden voordat het mag. Terug naar die herinneringen gaan, wanneer voelde je voor het eerst dat je jezelf moest verantwoorden voor wat je wel of niet wilde, brengt vaak helderheid over waar dat vandaan komt.
Wat dit met stembevrijding te maken heeft? De nulmeting die ik hierboven beschreef, is niet alleen een aandachtsoefening, het is ook precies waar stembevrijding mee begint. In mijn werk gaat het steeds om de verbinding tussen hoofd, hart en buik, tussen ratio en gevoel. Stevig staan, je adem voelen, weten waar je bent voordat er iets van buitenaf op je afkomt. Vanuit die verbinding is het een kleine stap om een ja of een nee ook te laten klinken, in plaats van het alleen te voelen of te denken. Een nee die je hardop uitspreekt, zonder uitleg erachteraan, landt anders dan een nee die je binnenhoudt of wegverklaart.
Wil je hier zelf mee oefenen? In individuele coaching gaan we samen op zoek naar de nulmeting die bij jou past, en naar wat er gebeurt zodra je een ja of een nee ook echt laat klinken. In de Jaartraining doe je die zoektocht een heel seizoen lang, samen met een vaste groep, waarin je elkaar ook helpt zien wanneer een grens nog wordt weggewuifd. Beide vormen vinden hun basis in stembevrijding, waarin verbinding tussen hoofd, hart en buik het startpunt is van elke grens die je stelt.







