Er zaten iets van 300 mensen in de zaal. Mij was gevraagd om de bezoekers van het congres tot zingen te brengen. Na wat rek en strek oefeningen kwam de zaal voorzichtig tot geluid en van geluid tot zingen. De piano zorgde daarbij voor extra aanmoediging. Wat ik zag was dat mensen van afwachtende voorzichtigheid zich langzaam opende en steeds vrolijker en uitbundiger werden. De energie in de zaal nam toe. Op mijn uitnodiging om in het slotakkoord helemaal los te gaan, ongeacht hoe het zou klinken (vals mocht ook) lieten de deelnemers zich graag meenemen.

Wat er in dat ene slotakkoord gebeurde is magisch. Het is bijna niet mogelijk om er woorden aan te geven, of het vast te pakken. Natuurlijk: euforie, overgave, vreugde, uitbundigheid, etc. zijn woorden die bij me opkomen, maar om daar bij te komen kan het niet anders dan dat er een diep verlangen in ons zit, om voluit ruimte in te nemen en ons ongegeneerd te laten horen. Wanneer dat er namelijk niet zou zijn, zou dat slotakkoord nooit zo magisch kunnen klinken.

In ons huist een enorm aan potentieel, aan overvloed, dat niets anders wil dan volledig te mogen stromen. Wat er voor nodig is, is overgave. Want alleen dan gebeurd het.
In dat ene magische moment wordt dat voelbaar, hoorbaar en zichtbaar en ontstaat er ineens iets nieuws….